Sjefke
Sjefke behoorde tot het edele ras van vlieger bij de Koninklijke Luchtmacht. Bovendien behoorde hij tot het super edele ras van ONDEROFFICIER-VLIEGER. Hij was een jofele kerel, in Luchtmachttermen een ”peekaa-tje”. Prima Kereltje. (In de Luchtmacht werken we graag met afko’s – afkortingen). Nou, dat werd je niet zomaar! Daarvoor moest je behoorlijk wat aan alcoholische versnaperingen kunnen nuttigen, na de laatste kist van die dag aan de grond stond natuurlijk, moest je tenminste een paar bekeuringen hebben gekregen voor te hard rijden, moest je kunnen aantonen dat je een grote aso was in het verkeer en moest je, als je in het buitenland zat, nou ja, laat maar zitten, dat kunt u zelf wel invullen. Iets met het andere geslacht en zo. Nou kon je je ook onderscheiden door ”heldhaftig optreden” tijdens het vliegen. Sjefke was daar een meester in.
Feit 1: Op een mooie zomerdag, het was zowat in mei, hoho, dat gaat verkeerd, tja, ik zat even te denken aan Wim Sonneveld. Maar het was in mei en het was mooi weer. Het manneke was uitgeboekt voor een low level trip boven het Nederlandse. Al dra sloeg de verveling toe want dat laagvliegen had hij al zo vaak gedaan en hij had al alles gezien en trouwens toch….Op zoek naar avontuur dan maar. Nou zat hij in de buurt van Nijmegen. Nijmegen, Nijmegen, oh ja, de Waal, Waalbrug. Ja, dat was het. Onder de Waalbrug door. Een nieuw wapenfeit op het blazoen van meneer. Zo gedacht zo gedaan. Met 350 (knopen) onder het ijzer door. Joepie, dat was kaasie. De saaie trip was opeens niet mee zo saai en hij vloog opeens vrolijker verder. Snel even een beetje trekken anders ging hij ook nog onder de spoorbrug door. Na ongeveer een uurtje keerde hij terug naar het veld (hier wordt opzettelijk niet vernoemd welk veld). Rap naar de crewroom voor de welverdiende kop troost. Of hij maar effe bij de Chef Vliegdienst wilde komen. Hij stikte zowat in de koffie, want als daar moest acteren, dan was het meestal “shit”. Of hij lekker gevlogen had. En wat hij onder de Waalbrug te zoeken had en dat hij moest weten dat de vlieghoogte 1000 voet boven het hoogste obstakel was. Hij schamperde uh, uh. Ontkennen had geen zin want de generaal Rijnierse had hem gezien toen hij onder de brug doorvloog, met de tegenwoordigheid van geest die je van een generaal mocht verwachten had hij het nummer genoteerd, P-zusenmezo en het doorgebeld naar de CVD (dus chef vliegdienst). Ja daar stond je dan, met het schaamrood op de kaken en bovendien veertien dagen vliegverbod.
Maar leuk was het, dat laagvliegen, vooral die schipper waarvan hij het wit zowat in de ogen had gezien. Ongeloofwaardig, gedeeltelijk misschien maar hij IS onder de Waalbrug doorgevlogen en de generaal HEEFT zijn karretje in de poep gereden. Maar was dat wel Sjefke?
Feit 2: Een ander vermeldenswaardig feit. Heldhaftig? Oordeel maar zelf.
Sjefke was weer eens aan de beurt om te laten zien hoe goed hij wel niet was in het schieten met een vliegmasjien en het gooien met bommen. Nou kon dat in Nederland niet zomaar. Nee, daarvoor hadden ze op Vlieland een stuk eiland ingericht als schietrange. Trouwens niet alleen de Ollanders kwamen daar schieten en zo, maar de halve NATO gooide daar met van alles wat maar wilde ploffen. Uiteraard alleen maar ”oefenbommen”.
Sjefke toog dus op weg van een basis in het zuiden van het land. Nou vloog hij met een F84-F Thunderstreak en in een van mijn andere verhalen heb ik al zowat uitgelegd wat dat voor een vliegmasjien was. Een barrel dus. Plotsklaps, 5 minuten in de vlucht, begint van alles te knipperen en te doen, man het leek wel Kerstmis. Genoeg reden om meteen de pleiterik te maken. Maar Sjef bleef nog even want het masjien bleef gewoon vliegen. Effe het squadron contacten. Nou, het was toch mar beter om uit te stappen zo werd hem geadviseerd. Zo gezegd, zo gedaan, en huppekee, Sjef hing aan het zijde.
Nadat hij op het squadron terug was, was meneer natuurlijk de held van de dag. Ook wel een beetje de l.. van de dag. Wat was er toch wel gebeurd? Er was niks aan de hand met het toestel, foutieve indicatie op de meters, kromme volt, noem maar op, maar het masjien was geheel en al luchtwaardig en gebleven. Om dat te bewijzen had het toestel, uiteraard zonder cockpitdak zichzelf geland, op de externe brandstoftanks, in de buurt van Venray. Keurig en wel in een weiland, zoals dat van een noodlanding in de boekoes staat. Dat vereiste een diepgaand onderzoek: had Sjefke nou de zaak bezeikt, had hij de verkeerde info doorgegeven, had het squadron het niet goed begrepen of misschien wel de verkeerde info doorgegeven. Het is nooit HELEMAAL duidelijk geworden. Maar de kist vloog een paar maanden later weer na intensieve verbouwingen. En Sjefke, hij mocht vliegen “zoveel hij wilde” en bleef een PK-tje.
Het kan nu en zo dus niet meer. Met de komst van de F-16 is het allemaal een beetje professioneler geworden en daarmee is volgens velen een stuk Luchtmachtromantiek verdwenen. Volgens andere gelukkig maar.
Mijn voorkeur gaat uit naar de tijd voor de F-16, toen kon je nog ”ritselen en rotzooien, strietsen en bietsen, organiseren en whathaveyou”.
Ik heb een fijne tijd gehad bij de Luchtmacht en ben blij dat ik kan terugzien op een gelukkige 37 jaren.
Wim
(AOO KLu b.d.)
|